Start > Communicatieve ontwikkeling

Communicatieve ontwikkeling

Al vanaf de geboorte is er sprake van communicatie tussen kind en ouder. In het begin is dit op een heel eenvoudige manier, zoals naar elkaar kijken, lachen, huilen, voelen en ruiken. Het kind leert al heel vroeg wat communiceren betekent, namelijk signalen geven, antwoorden en daar weer op reageren. In het begin communiceert het kind zonder woorden, dit gebeurt door willekeurige geluiden te maken, waar de ouder dan op reageert. Vanaf ongeveer 6 maanden gaat het kind bewust geluiden maken, dit zijn de brabbelgeluiden. De brabbelgeluiden variëren van klanklengte en intonatie. Langzaam gaan de brabbelgeluiden over op echte woorden, zoals papa en mama. Rond het eerste levensjaar komen de eerste woordjes en zal het kind ook betekenissen gaan koppelen aan gebruikte woorden van anderen.

Tussen de anderhalf en twee jaar gaat een kind de woorden die hij kent combineren, zodat er zinnen ontstaan (twee- en meerwoordzinnen). Dit is het einde van de preverbale periode.

Wanneer een kind tussen de 0 en 2 jaar moeite heeft met het maken van klanken, de manieren van communiceren, het taalbegrip of het maken van de eerste woordjes en zinnetjes kan (preverbale) logopedie worden ingezet.

Wat doet de logopedist?

Met behulp van observatieformulieren en/of taaltests zal de logopedist de problemen rondom de communicatie in kaart brengen. Aan de hand daarvan wordt er een behandelplan gemaakt om de communicatie te stimuleren. Begeleiding van de ouders speelt hierin een belangrijke rol. Zij krijgen handvatten aangereikt hoe ze het beste met hun kind kunnen communiceren en hoe ze de communicatie zo optimaal kunnen stimuleren. Dit gebeurt met name in spelvorm.

Terug