Start > Doelgebieden > Gehoor

Gehoor

Voor de communicatie is het gehoor erg belangrijk. Als we een gesprek voeren, kunnen we alleen adequaat reageren als we elkaar verstaan. Zodra er gehoorproblemen zijn, heeft dat dus meteen invloed op de communicatie. Gehoorproblemen, zoals slechthorendheid en doofheid, kunnen ontstaan op latere leeftijd, maar ook al vanaf de geboorte aanwezig zijn. Om de communicatie te bevorderen wordt een gehoorapparaat aangemeten of een Cochleair Implantaat (CI) geplaatst.

Ook voor het aanleren van de taal en de spraak is een goed gehoor belangrijk. Een kind imiteert namelijk de omgeving. Dus als een kind iets verkeerd hoort, kan het ook nooit goed imiteren. Als kinderen veel last hebben van middenoorontstekingen, horen ze in die periode slecht en kunnen er problemen optreden bij de spraak-taalontwikkeling.

Er zijn ook kinderen, die wel goed horen, maar de gesproken taal niet goed begrijpen of de boodschap niet kunnen onthouden. Deze kinderen hebben last van auditieve verwerkingsproblemen. Ook hierdoor wordt de communicatie verstoord.

Wat doet de logopedist?

De logopedist kan aan slechthorenden trainingen in spraakafzien (liplezen) geven. Vaak komen de partners mee, zodat de logopedist ook adviezen kan geven hoe men om moet gaan met verworven slechthorendheid en hoe men samen de communicatie kan verbeteren. Aan mensen met een CI geeft de logopedist hoortrainingen. Zowel bij slechthorenden als bij doven kan de logopedist in de therapie gebruik maken van NmG (Nederlands met Gebaren) of van NGT (Nederlandse GebarenTaal). Verder helpt de logopedist, zowel doven als slechthorenden, met de uitspraak van klanken.

Bij kinderen met spraak-taalproblemen zal de logopedist altijd het gehoor (laten) bekijken en eventueel doorsturen naar een KNO-arts. Tevens worden natuurlijk de spraak-taalproblemen behandeld.

Kinderen met auditieve verwerkingsproblemen worden onderzocht en daarna begeleid door de logopedist, vaak in nauwe samenwerking met de school.